Wie lang roeit zoekt het soms verder dan Bosbaan, Wab en Amstel. Zo ook het deel van de ouderejaarssectie dat onlangs afreisde naar Slovenië om deel te nemen aan negenenzestigste editie van de Bled International Regatta, op het befaamde meer van Bled. Daar, op het strakblauwe meer, ingesloten tussen de bergen, welhaast kitscherig geflankeerd door een fort en een kerkje, ligt één van de mooiste roeibanen ter wereld. Kortom: een aanlokkelijk uitje voor wie de Westelijke Regatta wel gezien heeft. Samen met een botenwagen vol andere Hollanders namen vier Njordroeiers deel aan deze wedstrijd: Sidni de Ruiter en Hannah Otterloo in de dubbeltwee en, in combinatie, in de dubbelvier en Sal Griep en Luuk Remmerswaal in de tweezonder.


De wedstrijd ving op vrijdagmiddag aan met de voorwedstrijden van de finales van zaterdagochtend. In het damesdubbeltweeveld werd in drie voorwedstrijden gestreden om plaatsing in de A-finale. Anders dan op nationale wedstrijden is het moeilijk in te schatten welke ploegen een gevaar vormen; helder was echter wel dat in Bled tegenstand te verwachten viel, nu diverse nationale opleidingsploegen uit Midden-Europa deelnamen aan Bled International Regatta. Zo bleek ook voor de twee Njordroeisters: zij moesten in de voorwedstrijd een sterke Hongaarse twee voor zich dulden. De finale, naast de Hongaren volledig bestaand uit Nederlandse ploegen,—de commentratrice merkte spottend op dat het Nederlands kampioenschap dunnetjes werd overgedaan—liep uit op een uitputtende race die het uiterste van de roeisters eiste. De Njordroeisters wistten achter de Hongaarse dubbeltwee—waarvan de slagvrouw eerder dit jaar nog deelnam aan de EK in de skiff—en een sterke Skolldubbeltwee derde te worden in de finale, wat in Slovenië gewoon beloond wordt met een medaille.
De mannentweezonder, die pas een week eerder besloot deel te nemen aan de wedstrijden te Bled, had weinig idee van het eigen niveau. Zij hadden immers niet eerder samen deelgenomen aan nationale wedstrijden, nu zij het seizoen in een vierzonder hadden doorgebracht. In Bled bleken Griep en Remmerswaal, die als pubers ooit samen dansles volgden, echter een goed ritme te hebben gevonden. Met een tweede plaats kwalificeerden zij zich voor de A-finale, waar zij achter twee Hongaarse en een Kroatische ploeg een vierde plaats behaalden.
Zoals vaak het geval is op grote internationale wedstrijden varieert het niveau van de inschrijvingen sterk tussen de velden. Waar in het dubbeltweeveld hard gewerkt moest worden, hoefden mej. Otterloo en mej. De Ruiter op zondagochtend in de directe finale van het dubbelvierveld niet het onderste uit de kan te halen. In combinatie met Skadiroeisters mej. Von Hebel en mej. Jonker, waarmee zij eerder succesvol startten op Nederlandse wedstrijden, voeren zij onbedreigd naar de overwinning. Na een duik vanaf het erevlot—het was heet—namen zij zo de eerste Sloveense blikken uit hun roeicarrières in ontvangst. Ondanks de verwonderlijke overwinningsceremonie, waarbij steevast op vol volume Tina Turners ‘The best’ werd afgespeeld, weerklonk zo voor het eerst in de geschiedenis het Njordlied over het meer van Bled.


Ook de mannentweezonder ging van start in een directe finale, nu enkele tegenstanders van de zaterdag zondag verstek lieten gaan. Griep en Remmerswaal maakten gretig gebruik van de ontstane ruimte op het erevlot en voeren naar een tweede plaats achter een stel potige Tsjechen. Daarmee werd andermaal bevestigd dat sprake was van een succesvol weekend voor de afgereisde roeiers. Zon, een blauw meer en een blik: meer heeft de roeier niet nodig.
Nabeschouwing geschreven door Stijn Meijer

